Een specialist nodig? 030 – 272 45 00

Roozemond [+] De Haan in het nieuws

Vrijspraak bepleit in PGB-fraudezaak

“De advocaten bestrijden dat er voor 2,5 miljoen aan zorg ten onrechte is gedeclareerd.”

Vrijspraak bepleit in PGB-fraudezaak Fundament

2 februari 2020

In: R+DH in de Media

#PGB#PGB-Fraude

Op 28 januari en 29 januari jl. stond Fundament Dragers in Zorg, één van de vennoten en één van de zorgmanagers terecht. Het verwijt van het OM is dat er PGB-fraude zou zijn gepleegd acht jaar geleden. Er zou voor 2,5 miljoen fraude zijn gepleegd door te weinig zorg te leveren en door formulieren verkeerd ingevuld te hebben. De advocaten van Fundament en de bestuurder Arjan de Haan en Jaap-Willem Roozemond hebben vrijspraak bepleit.

Het Openbaar Ministerie heeft in 2016 onderzoek gedaan en afgerond, waarna de zaak bij het Openbaar Ministerie op de plank is blijven liggen. Al in 2017 heeft de verdediging erop gewezen dat de instelling factureerde op een wijze die zeer gebruikelijk is in de zorg en dat dit ook bekend was bij het zorgkantoor. Andere rechters hebben dit eerder bevestigd in andere zaken. Het Openbaar Ministerie wilde daarnaar geen onderzoek doen. Pas toen de rechtbank in 2019 op meerdere verzoeken van de verdediging uiteindelijk besliste dat hiernaar wel onderzoek moest worden gedaan, is het OM pas in beweging gekomen. Het resultaat van het onderzoek bevestigde het standpunt van de verdediging dat Fundament geen valsheid in geschrifte heeft gepleegd.

De advocaten bestrijden verder dat er voor 2,5 miljoen aan zorg ten onrechte is gedeclareerd. De instelling werkte op basis van een vast maandbedrag en niet op basis van een uurtarief. Het standpunt van het Openbaar Ministerie is onder andere gebaseerd op aannames dat Fundament niet alle zorg kon leveren met haar zorgpersoneel. Die aannames vinden geen steun in het bewijsmateriaal. Ook de berekeningen van het OM hielden geen stand tijdens de zitting.

Van een luxeleventje, zoals door het Openbaar Ministerie is geschetst is geen enkele sprake. Winst die op een volkomen legitieme manier werd verdiend in de zorg, werd geïnvesteerd in de aankoop van panden waarin cliënten van Fundament werden gehuisvest. Die panden werden ingericht conform de richtlijnen binnen de zorg.

De strafzaak moet worden gezien in het licht van de te goeder trouw-regeling van budgethouders die in 2016 door staatssecretaris Van Rijn is uitgezet. Budgethouders van Fundament werden in 2014 geconfronteerd met hoge vorderingen van het zorgkantoor over de afgelopen jaren. Het TV-programma Radar heeft verschillende uitzendingen hieraan gewijd. Hierover zijn Kamervragen gesteld. Vervolgens is in 2016 de te goeder trouw-regeling bedacht. De kern van deze regeling is dat het Zorgkantoor niet terugvordert bij de budgethouders als ‘contractspartij’, maar direct bij de zorginstellingen.

De verdediging vindt dat de te goeder trouw-regeling ernstig tekortschiet. Er wordt onzorgvuldig onderzoek gedaan naar de rol van de budgethouder en de bewindvoerder en vervolgens wordt er vrij gemakkelijk met een beschuldigende vinger naar de zorginstelling gewezen. Onder druk moeten bijvoorbeeld budgethouders aangifte doen tegen de zorginstelling. Doen ze dat niet, dan komt het Zorgkantoor alsnog achter de budgethouders aan. Geen enkele budgethouder wil dat. Hierdoor ontstaan valse of vertekende aangiften. In deze zaak is dat leed nog groter doordat zowel budgethouders lange tijd in onzekerheid hebben gezeten, maar ook dat de verdachten al zo lang met deze problematiek geconfronteerd worden.

De rechtbank doet op 9 maart 2020 uitspraak.

Advies van ons nodig?

Heeft u advies of juridische bijstand nodig?
Neem dan contact met ons op!
Bel 030 272 45 00

Contact opnemen
U gebruikt een verouderde browser!

Werk uw huidige browser bij naar de laatste versie. Update mijn browser nu

×